De Fundamentele Grondslagen van de Bijbel

Alle schriftaanhalingen komen uit de Herziene Staten Vertaling (2010)

5 - De Verdorvenheid van de Mens



1. God Schiep de mens niet uit aapachtige schepselen maar uit het stof van de aardbodem:
Genesis 2:7 toen vormde de HEERE God de mens uit het stof van de aardbodem en blies de levensadem in zijn neusgaten; zo werd de mens tot een levend wezen.

Er zijn twee verzen in Genesis hoofdstuk 1 die beschrijven hoe de mens werd geschapen:
26 en 27 En God zei: Laten Wij mensen maken naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis; en laten zij heersen over de vissen van de zee, over de vogels in de lucht, over het vee, over heel de aarde en over al de kruipende dieren die over de aarde kruipen! En God schiep de mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem; mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen.

De mens werd niet als zondaar geschapen!

2. De mens ontstond niet door een evolutionair proces over miljoenen jaren, maar werd geschapen ...

1. ... tot Gods eer:
  • Jesaja 43:7 Ieder die genoemd is naar Mijn Naam, die heb Ik tot Mijn eer geschapen, die heb Ik geformeerd, ja, die heb Ik gemaakt.
2. ... door Gods wil:
  • Openbaring 4:11 U bent het waard, Heere, te ontvangen de heerlijkheid, de eer en de kracht, want U hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil bestaan zij en zijn zij geschapen.
3. ... door en tot (voor) de Heer Jezus Christus:
  • Kolossenzen 1:16 Want door Hem zijn alle dingen geschapen die in de hemelen en die op de aarde zijn, die zichtbaar en die onzichtbaar zijn: tronen, heerschappijen, overheden of machten; alle dingen zijn door Hem en voor Hem geschapen.

3. In welk boek en hoofdstuk van de Bijbel werd het historische verslag opgetekend van 's mensen zondeval?:
Genesis 3:1-24 De slang nu was de listigste onder alle dieren van het veld, die de HEERE God gemaakt had; en hij zei tegen de vrouw: Is het echt zo dat God gezegd heeft: U mag niet eten van alle bomen in de hof? En de vrouw zei tegen de slang: Van de vrucht van de bomen in de hof mogen wij eten, maar van de vrucht van de boom die in het midden van de hof staat, heeft God gezegd: U mag daarvan niet eten en hem niet aanraken, anders sterft u. Toen zei de slang tegen de vrouw: U zult zeker niet sterven. Maar God weet dat, op de dag dat u daarvan eet, uw ogen geopend zullen worden en dat u als God zult zijn, goed en kwaad kennend. En de vrouw zag dat die boom goed was om ervan te eten en dat hij een lust was voor het oog, ja, een boom die begerenswaardig was om er verstandig door te worden; en zij nam van zijn vrucht en at; en zij gaf ook wat aan haar man, die bij haar was, en hij at ervan. Toen werden de ogen van beiden geopend en zij merkten dat zij naakt waren. Zij vlochten vijgenbladeren samen en maakten voor zichzelf schorten. En zij hoorden de stem van de HEERE God, Die in de hof wandelde, bij de wind in de namiddag. Toen verborgen Adam en zijn vrouw zich voor het aangezicht van de HEERE God te midden van de bomen in de hof. En de HEERE God riep Adam en zei tegen hem: Waar bent u? En hij zei: Ik hoorde Uw stem in de hof en ik werd bevreesd, want ik ben naakt; daarom verborg ik mij. En Hij zei: Wie heeft u verteld dat u naakt bent? Hebt u van die boom gegeten waarvan Ik u geboden had daar niet van te eten? Toen zei Adam: De vrouw die U gaf om bij mij te zijn, die heeft mij van die boom gegeven en ik heb ervan gegeten. En de HEERE God zei tegen de vrouw: Wat hebt u daar gedaan! En de vrouw zei: De slang heeft mij bedrogen en ik heb ervan gegeten. Toen zei de HEERE God tegen de slang: Omdat u dit gedaan hebt, bent u vervloekt onder al het vee en onder alle dieren van het veld! Op uw buik zult u gaan en stof zult u eten, al de dagen van uw leven. En Ik zal vijandschap teweegbrengen tussen u en de vrouw, en tussen uw nageslacht en haar Nageslacht; Dat zal u de kop vermorzelen, en u zult Het de hiel vermorzelen. Tegen de vrouw zei Hij: Ik zal uw moeite in uw zwangerschap zeer groot maken; met pijn zult u kinderen baren. Naar uw man zal uw begeerte uitgaan, maar hij zal over u heersen. En tegen Adam zei Hij: Omdat u geluisterd hebt naar de stem van uw vrouw en van die boom gegeten hebt waarvan Ik u geboden had: U mag daarvan niet eten, is de aardbodem omwille van u vervloekt; met zwoegen zult u daarvan eten, al de dagen van uw leven; dorens en distels zal hij voor u laten opkomen en u zult het gewas van het veld eten. In het zweet van uw gezicht zult u brood eten, totdat u tot de aardbodem terugkeert, omdat u daaruit genomen bent; want stof bent u en u zult tot stof terugkeren. En Adam gaf zijn vrouw de naam Eva, omdat zij moeder van alle levenden is. En de HEERE God maakte voor Adam en voor zijn vrouw kleren van huiden en kleedde hen daarmee. Toen zei de HEERE God: Zie, de mens is geworden als één van Ons, omdat hij goed en kwaad kent. Nu dan, laat hij zijn hand niet uitsteken en ook van de boom des levens nemen en eten, zodat hij eeuwig zou leven! Daarom zond de HEERE God hem weg uit de hof van Eden, om de aardbodem te bewerken, waaruit hij genomen was. Hij verdreef de mens, en plaatste ten oosten van de hof van Eden de cherubs met een vlammend zwaard, dat heen en weer bewoog, om de weg naar de boom des levens te bewaken.

4. Sommigen zeggen: "Spijtig dat Adam zondigde, maar dat heeft niets met mij te maken", maar
Romeinen 5:12-21 Daarom, zoals door één mens de zonde in de wereld is gekomen, en door de zonde de dood, en zo de dood over alle mensen is gekomen, in wie allen gezondigd hebben. Want totdat de wet er kwam, was er wel zonde in de wereld. Zonde wordt echter niet toegerekend als er geen wet is. Toch heeft de dood geregeerd van Adam tot Mozes toe, ook over hen die niet gezondigd hadden met eenzelfde overtreding als Adam, die een voorbeeld is van Hem Die komen zou. Maar het is met de genadegave niet zoals met de overtreding. Want als door de overtreding van de ene velen gestorven zijn, veel meer is de genade van God en de gave door de genade die er is door de ene mens Jezus Christus, overvloedig geweest over velen. En het is met de gave niet zoals het was door de ene die zondigde. Want de veroordeling leidde ten gevolge van één overtreding wel tot verdoemenis, maar de genadegave bij vele overtredingen tot rechtvaardiging. Want als door de overtreding van de ene de dood geregeerd heeft door de ene, veel meer zullen zij die de overvloed van de genade en van de gave van de gerechtigheid ontvangen, in het leven regeren door de Ene, namelijk Jezus Christus. Zoals dus door één overtreding de veroordeling gekomen is over alle mensen tot verdoemenis, zo komt ook door één rechtvaardigheid de genade over alle mensen tot rechtvaardiging van het leven. Want zoals door de ongehoorzaamheid van de ene mens velen als zondaars aangemerkt worden, zo zullen ook door de gehoorzaamheid van de Ene velen als rechtvaardigen aangemerkt worden. De wet echter kwam er nog bij opdat de overtreding zou toenemen, maar waar de zonde is toegenomen, daar is de genade meer dan overvloedig geweest, opdat, evenals de zonde geregeerd heeft tot de dood, zo ook de genade zou regeren door gerechtigheid tot het eeuwige leven, door Jezus Christus, onze Heere.
leert dat door één mens de zonde in de wereld ingekomen is, en door de zonde de dood; en dat de dood tot alle mensen doorgegaan is [door overerving], in welke allen gezondigd hebben.

5. Alle mensen sinds Adam en Eva zijn geboren als zondaars
Psalm 51:5 Want ík ken mijn overtredingen, mijn zonde staat mij voortdurend voor ogen.

met slechts één opvallende uitzondering:
Lukas 1:35 Daarom ook zal het Heilige Dat uit u geboren zal worden, Gods Zoon genoemd worden.

6. ALLE mensen zijn zondig in Gods ogen:
  • Jesaja 53:6 Wij dwaalden allen als schapen, wij keerden ons ieder naar zijn eigen weg. Maar de HEERE heeft de ongerechtigheid van ons allen op Hem doen neerkomen.
  • Romeinen 3:10-12 zoals geschreven staat: Er is niemand rechtvaardig, ook niet één, er is niemand die verstandig is, er is niemand die God zoekt. Allen zijn zij afgedwaald, samen zijn zij nutteloos geworden. Er is niemand die goeddoet, er is er zelfs niet één.
  • Romeinen 3:23 Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God,

7. Ook Maria was een zondaar en ze had een Zaligmaker nodig:
Lukas 1:46-47 En Maria zei: Mijn ziel maakt de Heere groot, en mijn geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker

Vergelijk verder met
Romeinen 3:23 Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God,

8. Zondige mensen neigen van nature niet tot de ware God; ze zijn meer geneigd om van Hem weg te lopen:
  • Psalm 53:3-4 God heeft uit de hemel neergezien op de mensenkinderen, om te zien of er iemand verstandig was, iemand die God zocht. Ieder van hen heeft zich afgekeerd, tezamen zijn zij verdorven, er is niemand die goeddoet, zelfs niet één.
  • Romeinen 3:11 er is niemand die verstandig is, er is niemand die God zoekt.
  • Johannes 3:19 En dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liefgehad, meer dan het licht, want hun werken waren slecht.

Wij gaan van nature liever onze eigen weg:
Jesaja 53:6 Wij dwaalden allen als schapen, wij keerden ons ieder naar zijn eigen weg. Maar de HEERE heeft de ongerechtigheid van ons allen op Hem doen neerkomen.

De verloren Adam zocht God niet, maar God zocht de verloren Adam
Genesis 3:6-10 En de vrouw zag dat die boom goed was om ervan te eten en dat hij een lust was voor het oog, ja, een boom die begerenswaardig was om er verstandig door te worden; en zij nam van zijn vrucht en at; en zij gaf ook wat aan haar man, die bij haar was, en hij at ervan. Toen werden de ogen van beiden geopend en zij merkten dat zij naakt waren. Zij vlochten vijgenbladeren samen en maakten voor zichzelf schorten. En zij hoorden de stem van de HEERE God, Die in de hof wandelde, bij de wind in de namiddag. Toen verborgen Adam en zijn vrouw zich voor het aangezicht van de HEERE God te midden van de bomen in de hof. En de HEERE God riep Adam en zei tegen hem: Waar bent u? En hij zei: Ik hoorde Uw stem in de hof en ik werd bevreesd, want ik ben naakt; daarom verborg ik mij.

en vergelijk dit met
Lukas 19:10 Want de Zoon des mensen is gekomen om te zoeken en zalig te maken wat verloren is.

9. Gods diagnose van het menselijke hart vinden we in:
Jeremia 17:9 Arglistig is het hart, boven alles, ja, ongeneeslijk is het, wie zal het kennen?

10. Het is onmogelijk voor een mens dat hij zichzelf redt:
  • EfeziËrs 2:8-9 Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God; niet uit werken, opdat niemand zou roemen.
  • Titus 3:5 maakte Hij ons zalig, niet op grond van de werken van rechtvaardigheid die wij gedaan hadden, maar vanwege Zijn barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en de vernieuwing door de Heilige Geest.

11. Voordat een mens wordt gered, wordt gezegd dat hij dood is door de misdaden
  • Efeziërs 2:1 Ook u heeft Hij met Hem levend gemaakt, u die dood was door de overtredingen en de zonden,
  • Efeziers 2:5 ook toen wij dood waren door de overtredingen, met Christus levend gemaakt - uit genade bent u zalig geworden -

Dit betekent dat die mens levenloos is!

Bezit niet het leven van God: eeuwig leven
  • 1 Johannes 5:12 Wie de Zoon heeft, heeft het leven; wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet.
  • Johannes 17:3 En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, Die U gezonden hebt.

Van het moment dat hij gered wordt gaat hij uit de dood over in het leven.
Johannes 5:24 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie Mijn woord hoort en Hem gelooft Die Mij gezonden heeft, die heeft eeuwig leven en komt niet in de verdoemenis, maar is uit de dood overgegaan in het leven.

12. De Heer Jezus leerde duidelijk wat het fundamentele probleem van de mens is:

Maatschappij
Milieu
Huisvesting
Oorlogen
Een kwaadaardig hart
(Marcus 7:14-23)

Een mens kan het zondeprobleem niet oplossen en kan niet tot een juiste relatie met God komen met zichzelf of met de hulp van anderen. Dit is iets wat enkel God kan doen! De mens zit in een hulpeloze en hopeloze toestand van afscheiding van God, tot hij zich zijn verloren toestand realiseert en God dit laat veranderen. Enkel God kan redden. Enkel God kan 's mensen grootste probleem oplossen.






Deze Grondslagen zijn een bewerking van de Basic Doctrines of the Bible,
uitgegeven door: The MiddleTown Bible Church .
Een set werkbladen voor persoonlijke studie met als doel de leringen van God's woord beter te begrijpen.
Met dank aan The MiddleTown Bible Church.

Middle Town Bible Church